De artistieke baret: ambacht en bezieling!

De Arnhemse beeldhouwer Gijs Jacobs van den Hof
De Arnhemse beeldhouwer Gijs Jacobs van den Hof met baret ca. 1950    bron: RKD Den Haag

Van oudsher is de baret geliefd in artistieke kringen. Met deze hoofdbedekking onderstreepten kunstenaars en bohemiens hun artistieke identiteit. Wat was de praktische kant van dit attribuut van de ware kunstenaar?
De wijde baret  die ook door intellectuelen werd gedragen, onderscheidde de kunstenaar van de arbeider die dikwijls een alpinopet droeg. Deze was iets kleiner en zat strak om het hoofd.
Het uiterlijk van de baret is sinds de Middeleeuwen ongewijzigd. Toen al verwees men met een hoofddeksel naar de geboortestreek of de maatschappelijke klasse waartoe men behoorde. De alpinopet werd tijdens de Franse Revolutie ontworpen en vormt sindsdien een nationaal symbool. In het Interbellum, de periode tussen de 1e en 2e Wereldoorlog werd de alpino ook elders razend populair.
De authentieke baret wordt gemaakt van wol die als een ronde schijf wordt gebreid. Deze wordt om een mal gespannen en vormt zich tot een bol. In een zeepbad wordt de bol vervilt en bij het drogen gemodelleerd. Het kleine kenmerkende staartje in het midden noemt men de cabilhou, de afhechting van het laatste eindje draad (bron: Wikipedia).
Geen wonder dat dit zachte maar oersterke hoofddeksel graag door bouwers en beeldhouwers werd gedragen. Beroemde baretdragers waren in Haarlem de beeldhouwer Mari Andriessen en de Arnhemse beeldhouwer Gijs Jacobs van den Hof, die zich hiermee beschermden voor de vaak ijzige kou in de ateliers en bouwplaatsen, maar ook tegen gruis en rondspattend gesteente.
Lees meer over artistieke baretten: The Beret Project.